Categorie: Artikelen

  • Geen geld, geen plan, toch lenen – welkom in Wijk bij Duurstede

    Geen geld, geen plan, toch lenen – welkom in Wijk bij Duurstede

    De gemeente Wijk bij Duurstede heeft te weinig geld. Dat blijkt uit de jaarrekening en uit de begroting voor de komende jaren. We moeten flink bezuinigen. Er is minder geld voor sport, cultuur, straten en andere voorzieningen. En dat terwijl deze voorzieningen de afgelopen jaren al flink zijn uitgekleed door eerdere bezuinigingen. Iedereen voelt dat. De gemeenteraad praat daar nu over bij de kadernota. Elke euro telt.

    Maar op 1 juli gebeurde er iets raars. De gemeenteraad nam een besluit over geld voor het project ‘Sterke Lekdijk’. Dat project bestond uit vijf onderdelen. Vier daarvan gaan niet door, omdat ze door inflatie te duur zijn geworden. Het college stelde voor om dat geld dan maar te gebruiken voor andere verkeersplannen.

    Maar let op: die verkeersplannen zijn nog niet eens opgesteld. Het college gaat ze zelf opstellen en vaststellen. Met het overgehevelde budget krijgen zij daarmee vrij spel om het geld naar eigen inzicht te besteden. Als raad kunnen we dan alleen nog wensen of bedenkingen uitspreken, maar we hebben geen beslissende stem meer. Dat ondermijnt onze rol als volksvertegenwoordiging. We horen kaders te stellen, niet achteraf te reageren. Zeker nu de schatkist vrijwel leeg is, de gemeente niet in control is en we continu tegen tekorten aanlopen, is dit een bijzonder slechte gang van zaken.

    En er is nog iets geks aan de hand: dat geld is er helemaal niet. Er was ooit een plan voor de Lekdijk, en er was een krediet goedgekeurd. Maar dat krediet is nooit omgezet in een lening. Er is dus nooit geld opgenomen, het bedrag stond niet op de balans, en er was geen financiële dekking geregeld.

    Nu wil de gemeente dat bedrag € 583.417 toch gaan lenen. Maar in de begroting is geen ruimte gereserveerd voor rente of aflossing. Dat betekent: nog meer bezuinigingen op andere belangrijke zaken.

    Wat ook opviel: tijdens de raadsvergadering kon de wethouder geen duidelijk antwoord geven op vragen van raadsleden. En dat is bijzonder, want meestal weet hij het goed uit te leggen. Nu bleef het vaag. Er kwam geen helder verhaal over wat dit besluit betekent voor onze financiële situatie. Ik wilde hierover interrumperen, om de vaagheid te doorbreken. Maar dat werd door de voorzitter niet toegestaan. Dat is zorgelijk, want interrumperen is een wettelijk toegestaan middel binnen het debat, volgens ons eigen reglement van orde. Door dit te blokkeren, werd het politieke debat bewust beperkt en werd de controlerende taak van de raad ernstig belemmerd. En dat, bij een besluit over zo’n groot bedrag.

    Waarom dit besluit juist nu? Waarom zonder uitleg? En waarom terwijl we met elk dubbeltje moeten schuiven?

    Het voelt alsof dit besluit er tussendoor is gedrukt. En dat is niet hoe het hoort. Inwoners hebben recht op open en eerlijk bestuur. Niet op vage besluiten over grote bedragen, zonder dat duidelijk is wie er straks voor moet betalen.

    Kortom: geen geld, geen dekking en geen plan, maar toch gaan we lenen. Welkom in Wijk bij Duurstede.

    Soms is een besluit gewoon een stap te ver. Dit was er zo één.

  • Een update over het aanstaande busvervoer

    Vervoerder Keolis heeft een concessie gedaan op het concept-vervoersplan 2026, na overleg met de gemeente en de provincie. Hierdoor blijven de haltes Centrum en Voorwijk behouden, maar komen er wel andere haltes te vervallen.

    Hoe gaat lijn 341 nu rijden?
    Lijn 341 rijdt voortaan in een eenrichtingslus. De route start bij het busstation en loopt via Amstel, Enk/Frankenhof, Steenstraat/Centrum, Voorwijk en De Geer. De haltes Kempenaar, Engdijk en Nieuwe Weg komen in deze aangepaste route te vervallen. Kom je vanuit Utrecht, dan is het busstation de eerste halte in Wijk bij Duurstede. Wie wil uitstappen bij De Geer, reist eerst een rondje door de stad.

    Waarom vervallen nu andere haltes?
    Volgens Keolis, de provincie en de gemeente zorgt het verminderen van het aantal haltes voor een snellere verbinding. De verwachting is dat dit tijdwinst oplevert voor reizigers. De vervallen haltes zouden bovendien het minst gebruikt worden, blijkt uit statistieken. Toch plaatsen wij vraagtekens bij de daadwerkelijke tijdswinst die hiermee wordt geboekt. Toch plaatsen wij vraagtekens bij de daadwerkelijke tijdswinst die hiermee wordt geboekt. Gemiddeld kost het stoppen bij een halte slechts 20 tot 30 seconden, en maximaal een minuut bij zeer drukke haltes en die hebben we in Wijk bij Duurstede niet. De vraag is dan ook of het schrappen van haltes werkelijk opweegt tegen het verlies aan bereikbaarheid voor inwoners in de getroffen wijken.

    Zijn we blij met de concessie?
    We zijn positief over het feit dat er geluisterd is naar inwoners die zich via sociale media, de petitie of de enquête hebben laten horen. Het is goed nieuws dat de binnenstad en de wijk Noorderwaard via lijn 341 bereikbaar blijven dankzij het behoud van de haltes Steenstraat/Centrum en Voorwijk. Tegelijkertijd zijn we teleurgesteld dat dit ten koste gaat van andere haltes. Voor reizigers vanuit De Geer en verder zijn de reismogelijkheden richting Wijk bij Duurstede nu flink beperkter.

    Zitten we nu stil?
    Zeker niet. We zijn met de gemeente in gesprek om te onderzoeken of alle haltes behouden kunnen blijven. Daarbij kijken we naar de mogelijkheid om in plaats daarvan enkele haltes in Utrecht te schrappen. Door bijvoorbeeld niet meer te stoppen bij haltes als IBB-laan en/of Sterrenwijk, worden studenten gestimuleerd om vaker gebruik te maken van lijn 9. Dit kan leiden tot tijdswinst én meer zitplaatsen voor reizigers die verder reizen dan deze haltes.

    Als dat geen optie blijkt, pleiten we ervoor om in elk geval halte Engdijk te behouden en Enk/Frankenhof te laten vervallen. De beoogde hubfunctie van Enk/Frankenhof komt immers te vervallen nu lijn 341 toch via de Steenstraat en Zandweg rijdt. Het behoud van Engdijk komt ten goede aan bewoners van Parkwijk en De Enk.

  • Vervolg blog: financiën Wijksport

    Vervolg blog: financiën Wijksport

    Kaders stellen zonder zicht? Niet verantwoord.

    In mijn eerdere blog over de financiën van Stichting Wijksport schetste ik hoe deze stichting al jarenlang financieel worstelt. Vooral de structurele verliezen en de oplopende schuldenpositie baarden ons grote zorgen.

    Daarbovenop komt dat de gemeente Wijk bij Duurstede voor ongeveer 1,5 miljoen euro garant staat voor leningen van Wijksport. Als de stichting haar verplichtingen niet meer kan nakomen, draait de gemeente -en daarmee de belastingbetaler- op voor de schade.

    Geen jaarrekening, wél bezuinigen?

    Wat de situatie extra pijnlijk maakt: het college stelt in de concept-kaderbrief voor om te bezuinigen op het sportbeleid, terwijl de financiële positie van Stichting Wijksport op dat moment niet openbaar gemaakt wordt aan de raad. De jaarrekening over 2024 wordt pas ná de besluitvorming over de kaderbrief gedeeld. Daarbij wijkt het college af van de werkwijze van voorgaande jaren. In alle jaren met uitzondering van jaarrekening 2023 werden de jaarrekeningen van Stichting Wijksport beschikbaar gesteld vóór de vaststelling van de kadernota. Alleen bij jaarrekening 2023 en nu opnieuw voor 2024 vindt besluitvorming plaats zonder dat de jaarrekening vooraf bekend is. Dat maakt het onmogelijk om als raadslid zorgvuldig en onderbouwd kaders te stellen.

    Kortom: we moeten keuzes maken over sportbudgetten en subsidies zonder dat we zicht hebben op de financiële realiteit van de uitvoerder. Een stichting die al jaren rode cijfers schrijft, en waar we als gemeente financieel aan vastzitten.

    Dat is bestuurlijk gezien onverantwoord.

    Transparantie is geen gunst, maar een plicht

    Als raadslid heb ik formeel verzocht om de jaarrekening van Wijksport per direct beschikbaar te stellen aan de raad, zodat wij onze kaderstellende en controlerende taken kunnen uitvoeren. Hoe kunnen we anders bezuinigingen overwegen, zonder te weten wat de impact is op de exploitatie, het voortbestaan van het sportpark, of de maatschappelijke agenda?

    De reactie van het college? Dat men zich aan “het proces” houdt en pas op 15 juli met een raadsmemo komt, terwijl de besluitvorming over de kaderbrief al op 8 juli plaatsvindt. Dat is te laat. Dan zijn de kaders al vastgesteld, en is het risico op verkeerde besluiten levensgroot.

    Wijksport: publieke taak, publieke verantwoordelijkheid

    Sport is geen luxe. Het draagt bij aan gezondheid, verbondenheid en sociale samenhang. Maar als we blijven opereren met financiële oogkleppen op, zetten we die publieke waarde op het spel.

    De gemeente heeft als garantsteller niet alleen een financieel, maar ook een maatschappelijk belang. Daarom moeten we onszelf durven afvragen:

    • Hoe zorgen we voor een structureel gezonde exploitatie?
    • Waar kunnen we helpen, of juist kritisch bijsturen?
    • En vooral: hoe houden we sport toegankelijk voor iedereen, juist in financieel moeilijke tijden?

    Dat begint bij één ding: volledige openheid van zaken, op tijd.

    Status quo bij CDW: verlamming zonder oplossing

    Ondertussen blijft ook de situatie rond voetbalvereniging CDW zorgwekkend. De impasse tussen CDW, Stichting Wijksport en gemeente over de financiële bijdrage duurt voort. Zowel CDW als Dorsteti (tijdelijk) hebben hun betalingen gestaakt.

    Ruim acht maanden na indiening van de motie op 24 september 2024 is er nog altijd geen structurele oplossing.

    Wordt vervolgd.

  • Waarom je als burgemeester of wethouder in je eigen werkgebied zou moeten wonen

    Waarom je als burgemeester of wethouder in je eigen werkgebied zou moeten wonen

    In Nederland speelt de lokale democratie een centrale rol. Daarmee zijn het vertrouwen van de inwoners en de betrokkenheid van de bestuurders essentieel. Burgemeesters en wethouders vormen het bestuur van de gemeente en worden gezien als het gezicht van het lokale bestuur. Artikel 36 en 61c van de Gemeentewet stelt expliciet dat burgemeesters en wethouders in de gemeente moeten wonen, tenzij de gemeenteraad hier ontheffing van verleent.

    Het belang van lokaal wonen
    Het wonen binnen de gemeente zorgt voor een directe verbondenheid met de inwoners en een beter inzicht in lokale kwesties. Soms wordt ontheffing van het woonplaatsvereiste verleend, bijvoorbeeld wanneer het om praktische redenen niet haalbaar is om direct te verhuizen. Dit kan een tijdelijke en uitzonderlijke maatregel zijn. Het is echter niet de bedoeling dat deze ontheffing een standaardpraktijk wordt. Herhaaldelijk ontheffing verlenen zonder zwaarwegende redenen kan negatieve gevolgen hebben, zowel voor de bestuurder zelf als voor de gemeenschap.

    Risico’s van wonen buiten de gemeente
    Een belangrijk risico is dat de burgemeester of wethouder minder betrokken raakt bij de lokale gemeenschap. Wonen buiten de gemeente kan leiden tot afstandelijkheid, minder inzicht in de lokale situatie en minder directe communicatie met inwoners en maatschappelijke organisaties. Dit kan ertoe leiden dat inwoners het gevoel krijgen dat hun bestuurders niet echt betrokken zijn, wat het vertrouwen in het lokale bestuur onder druk zet. Uiteindelijk kan dit de legitimiteit van het bestuur ondermijnen en leiden tot minder draagvlak voor beleidsbesluiten.

    Standpunt van BurgerBelangen
    In onze gemeente heeft de gemeenteraad tot nu toe elk jaar opnieuw ontheffing verleend aan wethouders Buitelaar en Kuiper. BurgerBelangen heeft hier altijd tegen gestemd en zal dat bij de komende raadsvergadering opnieuw doen. Wij vinden het belangrijk dat bestuurders dicht bij de gemeenschap staan en lokaal wonen om daadwerkelijk betrokken te kunnen zijn bij de lokale situatie. Wij blijven dan ook kritisch op het gebruik van ontheffingen voor het woonplaatsvereiste, om zo het lokale bestuur en de verbinding met inwoners te versterken.

  • Blik op de jaarcijfers 2024: verlies van zelfstandigheid zeer nabij

    De jaarcijfers over 2024 laten een bijzonder verontrustend beeld zien voor onze gemeente. De personeelslasten zijn fors gestegen: de salariskosten voor vast personeel namen met ruim 11% toe, wat de totale personeelslasten flink heeft opgestuwd. Wat pas echt in het oog springt, is de externe inhuur. Die blijft bizar hoog: in 2024 werd er € 3,036 miljoen uitgegeven aan externe inhuur bij ziekte en vacatureruimte, en daar bovenop nog eens € 853.000 aan bijzondere expertise-uitgaven. Samen goed voor € 3,889 miljoen, oftewel 25% van de totale personeelslasten van € 15,381 miljoen. In 2023 bedroeg de totale inhuur nog € 4,286 miljoen, wat toen neerkwam op ongeveer 28 % van de personeelslasten. Hoewel dit percentage in 2024 dus iets is gedaald, blijft het bedrag van bijna 4 miljoen euro onverminderd hoog. Dat is een schrikbarend percentage. Ondanks alle mooie woorden over het werven van vaste medewerkers blijft het college structureel vertrouwen op dure externe krachten. Dit is niet alleen financieel onverantwoord, maar ook een blijk van falend personeelsbeleid.

    De jeugdzorgkosten zijn daarbij volledig uit de klauwen gelopen: er werd maar liefst € 1.127.000 meer uitgegeven dan begroot. Het college krijgt hier jaar op jaar geen enkele grip op, ondanks alle “brede aanpakken” en “maatregelenpakketten” die keer op keer worden aangekondigd.

    Het meest frustrerende is misschien nog wel dat veel van deze beleidsproducten en visies te weinig concrete cijfers of meetbare doelen bevatten. Vaak zijn de plannen niet duidelijk en haalbaar opgeschreven, waardoor we niet goed kunnen zien wat er echt wordt gedaan of waar we als gemeente staan. Het voelt alsof we aan het dweilen zijn met de kraan open: we proberen problemen op te lossen, maar zonder zicht op de werkelijke oorzaken of doelen blijven de kosten stijgen en betalen wij allemaal de rekening.

    Het resultaat is een gemeente die het jaar afsluit met een negatief resultaat van € 907.000, terwijl er geen geld meer is voor voorzieningen en investeringen in de stad en dorpskernen. De bodem van de schatkist is in zicht.

    Het is tijd dat het college eindelijk de hand in eigen boezem steekt. Geen mooie woorden of nieuwe visies zonder onderbouwing, geen excuses of blik naar buiten, maar keiharde zelfreflectie. Het is nu of nooit om dit tij te keren, voor onze gemeente en voor onze inwoners. Zeker met de verkiezingen van maart voor de deur is het des te belangrijker om goed te stemmen, zodat de juiste partijen aan de knoppen komen om dit eindelijk structureel aan te pakken.

    Link naar jaarstukken 2024: https://wijkbijduurstede.qualigraf.nl/vji/public/agenda/agendaview/action=showdoc/ag=8a0a8820a0aaa2800282028aaa4e0966/pdc=8080a2a0888a0aa208aa8aa0f7224ede/Boekwerk_jaarstukken_2024.pdf